De MINDCOG studie onderzoekt hoe twee technieken, namelijk mindfulness en positief fantaseren, piekergedachten kunnen verminderen.
De MINDCOG studie
In het kort
Locaties
Waarom dit onderzoek?
Mensen met een terugkerende depressie hebben vaak last van negatief, herhaaldelijk piekeren. Twee technieken die hier mogelijk bij kunnen helpen zijn mindfulness en positief fantaseren.
- Mindfulness richt zich op de bewustwording en het los laten van negatieve gedachten.
- Positief fantaseren richt zich op het stimuleren van positieve gedachten en toekomstbeelden.
Uit eerder onderzoek blijkt dat therapieën met deze technieken kunnen helpen om depressieve terugval te verminderen, maar we weten nog niet precies hoe ze dat doen.
Doel van het onderzoek
Het doel van het onderzoek is het bestuderen van de effecten van twee therapeutische technieken op het negatief, herhaaldelijk piekeren en zorgelijk nadenken (kenmerken van terugkerende depressie). Daarbij ligt de nadruk vooral op het onderzoeken hoe deze technieken werken en wat het best werkt voor welke mensen.
Wie komt in aanmerking?
Voor deze studie kom je in aanmerking als je tussen de 18 en 60 jaar oud bent en interesse hebt in mindfulness- en fantaseertrainingen.
- Voor groep 1 zoeken we mensen die twee keer een depressie hebben gehad, maar momenteel niet depressief zijn en geen dagelijkse antidepressieve medicatie gebruiken.
- Voor groep 2 zoeken we mensen die nooit een depressie hebben gehad.
Wat betekent deelname?
Het onderzoek kan volledig online en vanuit huis uitgevoerd worden en bestaat uit verschillende onderdelen. Na een geschiktheidsonderzoek om te bepalen of u kunt deelnemen aan het onderzoek, wordt u gevraagd om deel te nemen aan vier meetperiodes van één week.
In deze meetperiodes oefent u met beide therapeutische technieken, dus met zowel mindfulness als positief fantaseren. Een week vóór en een week tijdens het oefenen met deze technieken vult u dagelijks korte vragenlijsten in over uw gedachten en gevoelens en voert u dagelijks tweemaal een korte aandachtstaak uit. Daarnaast vult u één keer per week aanvullende vragenlijsten in.